•  

    January 2018
    M T W T F S S
    « Feb    
    1234567
    891011121314
    15161718192021
    22232425262728
    293031  

gevoelens

Ik verzet me tegen mensen die zeggen dat ze tegen medicijnen zijn. Ik zeg dat tegen zijn of voor, een keuze is tussen twee gedachten en dat een gedachte er weinig toe doet. Is dat mijn mening? En doet die er dus ook niet toe?

Eenmaal begonnen aan een klein boekje over gevoelens loop ik telkens tegen gedachten aan. Mijn eigen gedachten of het wel zin heeft om iets van wat ik mijn praktijk doe naar buiten te brengen bijvoorbeeld, mijn gedachten of mening over gevoelens in het bijzonder maar vooral natuurlijk tegen de gedachten van anderen, van patiënten, van vrienden.

“Gevoelens zijn waarnemingen”, zeg ik tegen Patrick, “en in die zin waar.”
“Hoe bedoel je?”
“Waarnemingen van een zintuig, van je gevoel. Je kijkt en je ziet iets. Je luistert en je hoort iets. Je voelt en je voelt iets. Ik bedoel dat wat je ziet, hoort of voelt een waarneming is.”
Patrick kijkt me niet begrijpend aan. Hij heeft een depressie en hij mist mogelijk de concentratie om naar me te luisteren en dus te horen of te begrijpen.

“De verminderde concentratie is de kern van depressie. Om te kunnen zien moet je je blik richten, scherp stellen. Zo is het ook met gevoelens”, voeg ik toe. Het is de vraag of dit nu iets verheldert. “Wanneer je je ogen sluit dan zie je niks maar je oren kun je niet goed sluiten en je gevoel al helemaal niet.” Dat was vrijwel zeker overbodig.

Toch treedt er bij ernstige depressie wel gevoelloosheid op. Anaesthesie van het gevoelsleven werd het vroeger genoemd. Het mechanisme om niet te voelen staat echter niet onder onze controle zoals onze oogleden en aan de emotie-loosheid gaat een periode van emotioneel wazig zien en staren vooraf. Dat is de periode waarin mensen het nog opbrengen om naar een psychiater te gaan. Ik praat dus met Patrick die op dit moment in emotioneel opzicht niet anders kan dan staren en zich daar hopeloos en waardeloos bij voelt. Dat zijn bij depressie uiteraard de gevoelens die lang waarneembaar blijven.

“Met medicijnen zul je weer in staat zijn om je emotionele blik te richten. Niet meer staren zoals nu, in angst, wanhoop, in zwarte toekomstloosheid. Zo gevaarlijk als het is om met je ogen te staren in de zon, zo gevaarlijk is het om met je gevoel in die emoties te staren.”
“Gaat het dan over?” vraagt Patrick. Hij volgt me dus wel.
“Ja” zeg ik, “het gaat gewoon over en dan kun je alles weer voelen, niet alleen narigheid, ook vreugde en voldoening.”
“Bij mij zal het niet werken, dat zul je zien.”
“Dat is een gedachte die bij de depressie hoort. Dat is maar een gedachte”, probeer ik te troosten, “gedachten zijn niet waar.” Wanneer Patrick nu zegt: “nee, dat is geen gedachte, dat weet ik gewoon zeker”, dan denk ik dat hij een zeer ernstige depressie heeft, met een nihilistische waan, met psychotische kenmerken dus. Dat is, evenals suïcidaliteit, een indicatie om iemand op te nemen in een ziekenhuis.

Ik denk dat gedachten er wel degelijk toe doen anders zou ik dit niet schrijven.

Ik heb dus meningsverschillen met patiënten. En dat doet er weinig toe. Behalve wanneer zij zich in de steek gelaten voelen. Dan nemen ze iets waar. Of het nu waar is of niet.

This entry was posted in short comments. Bookmark the permalink. Both comments and trackbacks are currently closed.